Waarom zoek ik eigenlijk Jezus van de geschiedenis? Als gelovige kun je je afvragen wat je met de man uit Nazareth te maken hebt, je hebt hem toch nu als levende Heer leren kennen? Ergens een volledig legitieme, maar ook een volledig illegitieme vraag. De levende Heer is namelijk niemand anders dan de rabbi die door de straten van Kafarnaüm liep, de geleerde die de lokale gemeenschap (synagoge) van Nazareth bezocht en als een ouderwetse profeet in de tempel opriep tot ware godsdienst. Wie die twee uit elkaar haalt, lijdt aan religieuze schizofrenie. Voor mij is Jezus van Nazareth ook de levende Heer, maar waarom die historische zoektocht?
Het begon allemaal toen een bliksemschicht uit de hemel ons leven raakte en ons huis in tweeën splijtte. En dat bedoel ik metaforisch, maar de concrete uitkomst was dat ik alleen verder moest in het leven. Ik zal niet in detail treden, maar het betekende dat ik afscheid moest nemen van God als voorziener en geluksmaker van het leven. Als God waarachtig en echt is, dan zou hij dat alleen zijn met mij hier in de afgrond en niet anders. Achteraf gezien begon ik toen al ijverig met deconstrueren. En daarmee bedoel ik niet te ontrafelen tot er niks overbleef, maar werkelijk proberen om tot de kern van de zaak te komen.
De wereld werd een toneelstuk waarin iedereen slechts een rol speelde en zich tot andermans vermaak acteerend door het leven manoeuvreerde. In sociale situaties overtrof de een de ander met het doel om het hoofd boven het zelf ingeschonken water te houden. Het was een grote facade, dat dagelijks opstaan, lachen, praten, werken, uitgeput naar huis te gaan om vervolgens morgen dat riedeltje te herhalen. Wat een onzinnig bestaan. Niets van het mythisch laagje, van de betoverende wereld, van die door Nietzsche's mad man bezongen horizon bleef op het canvas van het leven beschilderd. Ik, of iets van buitenaf, pakte de spons en veegde de horizon van het metafysisch bestaan weg. Er was alleen dit over, dit wat ik zie en wat ik ervaar.
Ik begon alles in het leven te ontpellen als een ui, alle mythische lagen vielen eraf. En dat deed ik dus ook in mijn geloofsleven. De criteria om te ontdekken wie de echte Jezus uit de geschiedenis was, leken niet ver hier vandaan. Wat hebben we van hem gemaakt? Wilde hij wel dat wij hem zien als zoon van God, als die bovennatuurlijke wonderdoener, of was hij te kennen als persoon, als de man wie hij werkelijk was? We zeggen wel eens dat hij twijfelde, zich zorgen maakte of zelfs dat hij huilde zoals hij dat deed bij de dood van zijn vriend Lazarus. Maar we verpakken dat al gauw met een goddelijk sausje, hij blijft onaantastbaar als de onbewogen beweger. Of hij is in de kern menselijk maar bovennatuurlijk verpakt, of hij is in de kern goddelijk met een menselijke gedaante, dat is in mijn ogen niet te onderscheiden.
Een hele tijd was dit mijn modus operandi. Ik maakte de evangeliën zo goed als eigen, op zoek naar aanwijzingen van zijn historisch bestaan, want als hij historisch heeft bestaan, dan is er hoop: de hoop dat God weet hoe wij lijden of in elk geval dat er een mens was die door en door goed was. Dan hebben we iets, dan heb ik iets om voor te leven en voor te sterven. Als Jezus echt kon zeggen tegen de mensen die hem doodden dat ze vergeven zijn, dat we onze vijanden moeten liefhebben, dat we de andere wang moeten toekeren en zo goed moeten zijn als God die we onze Vader mogen noemen, dan hebben we iets waarnaar we op kunnen kijken. Als een mens, een gewone mens, zich kon herpakken tot die hoogte, dan moeten ook wij die morele en goddelijke berg beklimmen.
Inmiddels ben ik meer aan het deconstrueren dan aan het ontpellen, want je kunt de vorm niet van de aard scheiden. Dat is inmiddels mijn overtuiging. Ik kan niet mijn zoontje de bijbelse verhalen voorlezen en zeggen dat ze óf allemaal waar óf allemaal onwaar zijn. Ze zijn waar, ook al zijn ze niet allemaal historisch kloppend. Er is een andere of hogere waarheid die in die verhalen schuilt. En dat inzicht is mij gegeven door John D. Caputo en de Next Quest van de zoektocht naar de historische Jezus. Waar de vorige quests, de vorige academische verkenningen naar Jezus, bezig waren de mythische lagen te ontpellen of af te snijden of historisch te erkennen, laat de Next Quest ze volledig intact als vormen waarin we Jezus mogen herkennen. En dat doet deconstructie: fenomenologisch zoeken naar wat schuilt in de verhalen over Jezus.
Ook al ben ik gecharmeerd door J. Dominic Crossans fijngevoelige analyses van Jezus' woorden middels nauwkeurige criteria van historiciteit. Vaak is het zo dat hoe korter de tekst en daarmee hoe ouder de tekst, hoe gewichtiger en hoe authentieker de woorden van Jezus' eigen zijn. Meervoudige attestatie is doorslaggevend: hoe meer onafhankelijke bronnen dezelfde woorden opnemen, hoe groter de kans dat ze Jezus' eigen zijn. De methodologische logica van het historisch positivisme is aanlokkelijk. Ik zou heel graag willen dat we daarmee tot de echte Jezus komen en daarmee ook tot antwoorden op vragen als waarom hij zo gebrand was op naastenliefde, op een gemeenschap van mensen in de marge, en waarom hij hierom moest sterven. Wie haalde het in zijn hoofd om een onschuldige plattelander te kruisigen?
Als ik wist wie hij was, dan zou ik weten wie ik ben. Want dan zou ik weten waarom en waartoe ik zou moeten leven, naast dat we er eenmaal zijn en in dit leven geworpen zijn. Nu begin ik een onderzoek, en hopelijk krijg ik het goedgekeurd, naar het leven van Jezus in de zienswijze van John D. Caputo. Hij zegt dat we altijd hopen tegen alle hoop in op dat wat komt, heel misschien komt, namelijk het event dat het onvoorwaardelijke in zich bergt. We hopen op een wonder, we hopen op gerechtigheid, we hopen op echte liefde, we hopen op waarheid. En in de persoon van Jezus is dit event in ultieme vorm tot ons gekomen en hebben we alleen zijn verhalen. Het zijn verhalen doorgegeven en opgeschreven door mensen, maar intentioneel, vaak mythisch: deels fictief, deels historisch in een niet te scheiden symbool. En daarmee moeten we het doen. Dan wil ik een methodologie voorstellen en ervoor uitkomen dat we altijd alles bezien vanuit ons beperkte perspectief, maar dat we desondanks iets kunnen ontdekken over de man die de wereld in een stille revolutie veranderde. Het effect is er, we hebben de verhalende symbolen, en die kunnen en moeten we grondig onderzoeken. Die zoektocht is alles waard, zeker een leven.

Reacties
Een reactie posten