Toen de Turken na het uiteenvallen van het Ottomaanse Rijk Duitse officieren uitnodigden om hun leger te trainen, kwamen die ook. Maar zoals Mustafa Kemal, later bekend als Atatürk, ontdekte, waren de Duitsers niet bereid hun leven te geven voor de Turkse zaak (Mango, 2002).
Het doet me denken aan de woorden van Jezus van Nazareth over trouw onder zijn volgelingen. Hij is de goede herder die zijn leven geeft voor de schapen. Een ingehuurde knecht zou dat niet doen. Maar wie is die "dagloner" eigenlijk? Wat weten we over deze tijdelijke arbeiders, en wat zegt dat over Jezus zelf?
De bijbeltekst
Laten we beginnen met de tekst uit Johannes 10:11–13 (NBV):
11 "Ik ben de goede herder. De goede herder geeft zijn leven voor de schapen. 12 De huurling is geen herder en de schapen zijn niet van hem. Als hij een wolf ziet aankomen, laat hij de schapen in de steek en vlucht. De wolf valt de kudde aan en jaagt de schapen uiteen. 13 Hij vlucht omdat hij een huurling is en niets om de schapen geeft."
Het is een prachtige passage, onderdeel van een groter geheel dat nog altijd tot hart en verbeelding spreekt. Heb jij ooit herders gezien in streken als Griekenland of Turkije, waar ze nog steeds lopen met staf en stok, precies zoals Psalm 23 beschrijft?
De herder en de huurling
In dit bijbelgedeelte gebruikt Jezus verschillende beelden om zijn rol in Gods huishouden te verduidelijken: hij is zowel de herder als de deur. Anderen zijn dieven, rovers, vreemden en, ten slotte, huurlingen. De ware maatstaf van een boodschapper in de heilsgeschiedenis is trouw. Wie wegvlucht als het gevaar nadert, is een bedrieger; wie blijft en de kudde verdedigt, is degene op wie we hebben gewacht.
Mijn doel hier is niet om de historische authenticiteit van het verhaal te bespreken, maar om Jezus' gebruik van het woord misthotos "huurling" nader te bekijken. Ik viel erop bij het lezen van de Griekse tekst (Nestle-Aland 28).
Het woord misthotos
Het Johannesevangelie is in de historische Jezusstudie lang gemarginaliseerd, maar dat is aan het veranderen (zie Charlesworth & Pruszinski, 2020). De waarde ervan kunnen we niet negeren. Het woord misthotos komt slechts twee keer voor in het Nieuwe Testament en heeft ook in het Oude Testament een wereldse klank. In de Griekse vertaling van de Hebreeuwse Bijbel (LXX) wordt het gebruikt voor "dagloner" of "ingehuurde arbeider", afgeleid van misthos, wat "loon", "betaling" of zelfs "soldij" betekent.
- Misthos = arbeid, betaling, loon, huur of onderpand (OT & NT)
- Misthios = salaris of dagloner (Lucas 15)
- Misthotos = arbeider, dagloner of huurling
In het Johannesevangelie kan misthotos worden gelezen als "huurling", "herdersdienaar" of "schapenjongen". In Markus 1:20 verwijst het naar de "knechten" op een vissersboot. Het achtervoegsel -tos achter misthos doet me denken aan het Turks. Degene die koffie zet is niet kahve maar kahveci, en de postbode is postacı. Zo lijkt misthotos de arbeider te zijn, niet de arbeid.
Een wereldse én militaire betekenis
In de Grieks-Romeinse wereld werd misthotos ook gebruikt voor huurlingen of ingehuurde soldaten. Oude bronnen noemen misthotoi als huurlingentroepen, en misthotos als een individuele gehuurde man. Een verhaal gaat over een misthotos genaamd Nikolaas, die weigerde als slaaf te worden behandeld terwijl hij in een klooster werkte, een veelzeggend onderscheid tussen huurling en dienaar. Een andere bron beschrijft een vrije leerling die vluchtte nadat hij slecht behandeld was door zijn meester, Elias de Jongere.
De geschiedschrijver Josephus, die schreef rond de tijd van Jezus, gebruikte misthotos ook voor soldatengage. Het woord had dus niet alleen de connotatie van dagloner, maar ook van huurling en betaald vechter.
Of Jezus die militaire betekenis bewust opriep, is onzeker. Maar hij kende zeker de sociale en economische werkelijkheid van zijn tijd. Zijn gelijkenissen verraden een scherp bewustzijn van het gewone werkleven. Denk aan de arbeiders in de wijngaard (Matteüs 20) of de pachters in de wijngaard (Matteüs 21).
De kern van de zaak
Mijn punt is dit: Jezus van Nazareth was geen naïeve prediker van liefde, noch een wereldvreemde mysticus. Hij was zich diep bewust van de werkelijkheid van het dagelijkse leven. Toen hij zichzelf de goede herder noemde, wist hij precies wat dat betekende. De mensen om hem heen waarschijnlijk ook. Het beeld van de herder als model van echt leiderschap was al eeuwenlang bekend, zoals het boek Jesaja getuigt.
De genade van God openbaart zich in de eenvoud van het herdersbestaan. Terwijl ik dit schrijf, zie ik buiten een man langslopen met een staf, de schapen vlak achter hem aan. Ze kennen zijn stem en slaan links of rechts af op zijn commando. Jezus kende dit beeld goed. Dit is het soort relatie dat hij voor ogen had. Leiderschap, ook in de kerk, komt op velerlei manieren tot ons. Maar wat is het kenmerk van echt leiderschap?
Een huurling, een tijdelijke kracht, zou nooit zijn leven geven voor schapen die niet van hem zijn. Maar de herder, die hen voedt, verzorgt en leidt, zal dat wel. Zij zijn van hem en hij is van hen.
Herformuleerde Jezus misschien de woorden van de profeet Jesaja, die ooit zei:
11 Hij hoedt zijn kudde als een herder: hij neemt de lammeren in zijn armen en koestert ze tegen zijn borst,hij leidt zorgzaam de ooien met hun jongen. — (Jesaja 40:11)
Slotreflectie
Jezus kende de prijs van trouw en hij belichaamde die. In tegenstelling tot huurlingen die vechten voor loon, of knechten die vluchten als het gevaar nadert, blijft de goede herder. Hij kent zijn schapen bij naam en zij kennen zijn stem. Dat, uiteindelijk, is het verschil tussen hen die werken voor beloningen hen die genoeg liefhebben om alles te geven.

Comments
Post a Comment